New Media Lab is misschien wel het belangrijkste vak dat je op dit moment kan volgen op de SvJ.
“Een nogal manse uitspraak Van der Horst. Probeer je een paar voldoendes bij elkaar te likken?”
Ehm, nee. Het is eerder mijn verbazing dat de informatie die de laatste weken mijn strot in is geduwd mij al veel eerder had moeten bereiken. Ik ben alweer een derdejaars, en ik ben gewoonweg geschrokken van de dingen die ik niet wist. Ik probeer niet te wijzen op het feit dat ik veel termen niet begreep, of weinig met het internet deed –zie hiervoor mijn eerste blog- maar op de discussies over de toekomst van het vak. Natuurlijk zijn we in de eerste jaren opgevoed met media-ethiek en dergelijke vakken, maar wat er in de afgelopen weken is besproken zou relevant moeten zijn voor alle studenten van deze opleiding. Het mag gewoonweg geen keuze zijn je ogen dicht te knijpen en hopen dat de krant nog 100 jaar op je mat valt met een doffe dreun.
New Media Lab is misschien wel het enige vak waar het daadwerkelijk om de journalist gaat. Rekening houden met het publiek of de lezer is leuk, maar die regelen hun eigen nieuws zelf wel. Je zou bijna kunnen stellen dat NML een soort overlevingsgids is voor de journalist die verzuipt voordat hij nog heeft gezwommen.
Dan kom ik uiteindelijk toch uit bij de enigzins rare titel van dit blog. (Als het je bekend voorkomt, denk aan Ghostbusters.) We hebben het er op de vrijdagen met Jaap Stronks al vaak genoeg over gehad, en uiteindelijk komt elke discussie neer op één vraag:
‘Wat is de toekomstige taak van de journalist?’
Het nieuws ligt op straat -of op internet naar believen- en iedereen is journalist. De allerbeste kantklosser kan schrijven voor zijn mede-kantklossers. De allerbeste webdesigner kan zijn ‘lesser designers’ informeren over de beste programma’s en de laatste trends. Korte nieuwsberichtjes worden geproduceerd door burger en bedrijf en de klassieke journalist staat praktisch buitenspel.
En nu komen we op het punt waar mijn mening toch verschilt…
Niet iedereen is burgerjournalist.
Niet iedereen studeert.
Niet iedereen wil zelf bepalen wat goed voor zichzelf is.
Dit begint het randje van de psychologie te raken en heeft vooral te maken met denkwijze.
Wanneer een groepje aankomend journalisten op een vrijdagmiddag discussieert over het feit dat ‘iedereen nieuws kan maken’ sneuvelt de realiteit. Wat ik nu aansnijd is op ‘t randje, maar het draait om het idee. Komt ie:
De stratenmaker staat s’ochtends vroeg op. Wassen, tanden poetsen, aankleden, ontbijten en de lunch in het trommeltje. Zeven uur beginnen en tot vier á vijf uur s’middags keihard bikkelen. Thuis de kids knuffelen en omkleden. Etenstijd, t.v kijken, mail checken, nieuws tot zich nemen (krant of internetsite) en uiteindelijk doodop naar bed toe. Morgen is het immers weer een nieuwe dag om te werken.
Dan kunnen wij, de studentjes journalistiek, wel door blijven blaten over de burger die het nieuws maakt. Maar deze stratenmaker -Henk, voor het gemak- heeft daar geen tijd voor. Henk wil alleen maar weten wat er aan de hand is in Nederland en de wereld en heeft geen tijd om zijn eigen nieuws persoonlijk bij elkaar te schrapen, laat staan constant vraagtekens daarbij te plaatsen.
Dat het nieuws op straat ligt interesseert hem helemaal niets. Iemand anders moet al die informatie controleren en sorteren. Kijken wat relevant is, wat waar en onwaar is. En het mag best aantrekkelijk geschreven worden. Henk is geen domme stratenmaker, want hij leest graag boeken. En hij vind het helemaal niets wanneer hij nieuws moet lezen op internet wanneer het kneuterig geschreven is. En zijn politieke voorkeur is geen probleem; zijn nieuws wordt in zijn smaak opgediend, zoals hij het lekker vind.
Laat er nu net een school in Utrecht staan die mensen opleidt tot dit soort ‘informatiespecialisten’. Er is nog werk genoeg voor de ‘gatekeepers’ van de toekomst. De geestelijke knop moet alleen omgezet worden.